| EEN VERSLAG OVER DE
VERLEENDE HULP NA DE BUSRAMP IN PORTUGAL. Reddings Honden Werkgroep Westervoort (RHWW)
|
![]() |
|
René
Rutjes: “Het is zaak de band tussen jou |
|
René Rutjes verleende hulp na busramp Portugal,
‘We zijn daar met enorm veel respect behandeld’
OSS, DIOSYNTH – “Toen het eerste slachtoffer was geborgen, overviel me een gevoel van blijdschap. Een vreemde emotie, want er is wel iemand gestorven. Maar ik was blij omdat we een lichaam aan de familie konden teruggeven.” René Rutjes, projectvoorbereider op de afdeling Technische Zaken van Diosynth in Oss, is vrijwilliger voor de Reddings Honden Werkgroep Westervoort (RHWW) en hielp met het opsporen van slachtoffers na de busramp in Portugal.
“Na de ramp probeerde de Portugese marine met geavanceerde apparatuur mensenlichamen op te sporen. Maar de rivier Douro stroomt zo ontzettend snel en is zo vervuild, dat ze met die apparatuur niets konden beginnen. Toen iemand na veertien dagen de suggestie deed om een beroep te doen op onze vereniging, werd door de Portugese autoriteiten eerst hard gelachen. Bijna nergens ter wereld kennen ze het fenomeen dat reddingshonden verdronken mensen opsporen.”
Toch legden de Portugese autoriteiten contact met de vereniging in Westervoort, waarbij ongeveer dertig leden zijn aangesloten. “Op 12 maart werd ik opgepiept met de vraag of ik meekon naar Portugal. Ik heb meteen ja gezegd. Gelukkig kon ik in overleg met mijn chef vrij krijgen en toonden collega’s zich zeer bereid om dingen van mij over te nemen. Zij hebben dat grandioos opgevangen.”
De zaterdag daarop vertrok een team van drie hondengeleiders, vier honden en een ondersteunend team met het vliegtuig richting Porto. René: “Zowel mijn hond Bart, een kruising tussen een Hollandse en een Mechelse herder, als ik hadden nog nooit gevlogen, dus dat was wel spannend.” Het team werd opgehaald door de plaatselijke politie, die hen naar de kazerne in Espinho bracht. Die zondag zijn twee leden van de RHWW, onder wie een oud politieman, de situatie meteen gaan inventariseren. Maandagmorgen vertrok de groep richting Castelo de Paiva, een plaatsje bij de rivier. “Direct bij aankomst zijn we met twee honden in de boten gestapt”, vertelt René. “Tussen half twee en twee uur ’s middags spoorden onze honden de bus op. Vanaf dat moment kon de berging beginnen.”
Spanning
Pas dinsdag lukte het om de bus helemaal uit het water te takelen. “Toen ik een stukje van de bus zag bovenkomen, viel de spanning van me af. Je vraagt je tot het laatste moment af of ze wel het goede voorwerp omhoog halen. De plaatselijke reddingswerkers werkten daarna de hele nacht door om de tien lichamen die nog in de bus zaten te bergen.”
René vervolgt: “Veel slachtoffers waren met de sterke stroming meegevoerd. Tot en met zaterdag zochten we het water af. Hierdoor zijn uiteindelijk nog zo’n zeven mensen gevonden. Daarna zat voor ons het werk erop. Wel hebben we nog een korte instructie gegeven aan plaatselijke reddingswerkers en hun honden, zodat ze toch verder konden, mocht dat nodig zijn.”
“Eigenlijk zijn wij ook maar amateurs die op een professionele manier te werk gaan. We hebben geen status of zoiets. Maar we zijn in Portugal wel met ontzettend veel respect behandeld. De medewerking die we kregen op allerlei gebied, was heel bijzonder. Zo regende het de hele week. Na onze overnachtingen op de kazerne, sliepen we in een tent. Dat was geen doen met al die regen. Toen hebben ze ons onmiddellijk overgebracht naar een villa, waarin de pers was gehuisvest.”
Ruim drie jaar terug kwam René op het idee om iets meer met zijn hond te gaan doen dan drie keer per dag uitlaten. “Bij toeval maakte ik op een open dag bij een dierenpension kennis met een vereniging voor reddingshonden. Daarop ben ik gaan zoeken of een dergelijke vereniging bij mij in de buurt zat. Dat bleek het geval.”
Stressbestendig
René werd aan een strenge selectieprocedure onderworpen. “Allereerst heb ik een aantal gesprekken gevoerd. Daarna liep ik met een training mee, waarbij werd bekeken of ik en mijn hond wel geschikt zijn voor het soort werk. Of we stressbestendig zijn en binnen het bestaande team passen. Gelukkig was dat het geval, dus toen heb ik het vaste traject heel snel doorlopen. Binnen een jaar was ik op inzetniveau.”
René besteedt gemiddeld acht uur per week aan trainen. “Bijna elke zondag train ik. Twee keer in de maand oefent het team op de vlakte, zoals heide of bos, en de andere twee zondagen in de maand op een puinlocatie, bijvoorbeeld bij een sloopgebouw. Op deze manier bootsen we realistische situaties, zoals een aardbeving, na. Ik fiets regelmatig, terwijl Bart meerent, voor de conditieverbetering. Ook houd ik zijn geestelijke ontwikkeling op peil, door bijvoorbeeld een zoekspel te organiseren. Je hond moet gehoorzamen wanneer jij dat wilt. Het is zaak de band tussen jou en je hond goed te houden.”
“Het is ook een absolute must dat het thuisfront erachter staat. Als dat niet zo is, kan je het wel vergeten”, vervolgt René Rutjes. “Maar gelukkig vinden mijn vrouw en kinderen het ontzettend leuk. Tien jaar geleden had ik nooit durven dromen dat ik dit werk zou doen. Maar als je eenmaal besmet bent met dit virus, laat het je nooit meer los.”
Gepubliceerd
met toestemming uit:
Voorschrift, personeelsblad voor Akzo Nobel Pharma
20 april 2001
|