Gemengd gevoel bij zoektocht naar vermisten
Door VINCENT BOS,    13 september 2003.


Reddingsacties maken bij René Rutjes en Jeroen van Deelen steevast tegenstrijdige emoties los.



Foto: Erik van 't Hullenaar



Blijdschap omdat een vermist persoon is opgespoord. Verdriet omdat een familie in rouw gedompeld wordt. Want levend terugvinden van mensen is er bijna nooit bij.

"De vermiste persoon kunnen wij niet redden. Maar we redden wel een hele familie. Want die gaat kapot aan de stress als iemand vermist wordt. En al is de afloop nog zo droevig, aan de onzekerheid is wel een eind gekomen."

Dankzij hun reddingshonden.

Waag het niet te spreken van speurhonden. Want er is toch echt een verschil.

"Onze honden volgen geen sporen en ruiken niet eerst aan een lap stof om dan te zoeken. Onze honden reageren op niet-bewegende geurbronnen. Iedere mens heeft geuren, ook als ze zijn overleden. Daar gaan ze op af", leggen Van Deelen en Rutjes uit.

"Al zijn er soms problemen. Een stoffelijk overschot stoot metaangas af. Dat doet rottend riet ook. Om in die situatie iemand op te sporen, is lastig."

Het geeft aan dat ze bij een opsporingsacties met allerlei omstandigheden rekening moeten houden. "We letten op de windrichting, maar ook op de glooiing van het landschap."

Soms is hun werk grappig. De reddingshonden zijn een keer gestuit op een poedelnaakt stel dat in de berm aan het vrijen was.

Jeroen van Deelen en René Rutjes voelen zich thuis bij de Stichting Reddingshonden Werkgroep Westervoort (RHWW). Ze zijn er bij toeval terechtgekomen. De een via een tip van een kennis, de ander via een open dag van het dierenasiel.

Bij de stichting vonden ze wat ze zochten: meer actie voor hun honden. Want de gehoorzaamheidscursussen waren niet levendig genoeg. De dieren konden hun energie niet kwijt.

Bovendien hebben de beide dieren meer in hun mars. Ze hebben een neus voor het opsporingswerk.

Taran van Jeroen van Deelen is een kruising tussen een labrador en een beauceron (Franse herdershond). Bart is de hond van René Rutjes en een kruising tussen een Mechelse en een Nederlandse herder.

Het zijn goed getrainde honden. Dat geldt ook voor hun bazen, die pas na een gedegen opleiding aan het veldwerk mochten beginnen.

Dat is logisch. Ze worden immers ingezet in moeilijke omstandigheden. Al hebben ze nog niet meegemaakt dat ze onder ingestorte huizen naar mensen moeten zoeken.

Ze zijn zeker niet op zoek naar spanning of het avontuur. Ze zien hun werk meer als dienstverlenend. Omdat ze families helpen aan wie de onzekerheid knaagt, onzeker als ze zijn over het lot van een dierbare.

De eerste buitenlandse actie van Rutjes bracht hem in Portugal. In de rivier de Douro was een bus met passagiers gevallen. "De tweede dag zijn we echt gaan zoeken. Na twintig minuten hadden we al iemand gevonden. Er was een geweldig mediacircus omheen. Met veel mensen aan de kant. Die allemaal uit waardering de honden wilden aanraken", graaft de Bemmelnaar in zijn geheugen.

René Rutjes is net terug uit Frankrijk. Bij Lorient is in opdracht van de politie en TROS Vermist gezocht naar een Fries. Op de eerste zoekdag werd de man al aangetroffen. Hij was overleden.

Ze worden steevast geconfronteerd met doden.

"We zijn er wel op voorbereid dat we niemand levend terugvinden, maar je weet nooit hoe je ermee omgaat als je de eerste keer iemand dood aantreft. Vergeet niet dat wij met andere ogen naar een lichaam kijken. Het is een object, het doel van een opdracht", zegt Rutjes.

Eerder dit jaar zocht Jeroen van Deelen in Maleisië naar een man die niet op zijn hotelkamer was teruggekeerd. De zoektocht bleef zonder resultaat. "Ook dat hoort erbij. En natuurlijk is dat teleurstellend."

Van Deelen en Rutjes hebben leren omgaan met teleurstellingen. Maar ze peinzen er niet over zich daardoor uit het veld te laten staan. Daarvoor vinden ze hun werk veel te belangrijk.
 

Copyright © 2003 De Gelderlander - alle rechten voorbehouden